Gids · Vaste lasten

Vaste kosten in kaart brengen

De meeste mensen onderschatten hun vaste kosten met een paar honderd euro per maand, altijd in dezelfde richting. Twaalf maanden rekeningafschriften plus drie plekken waar de bedragen echt staan, lost dat in een half uur op.

De meeste mensen weten ongeveer wat ze verdienen en gokken wat er weggaat. Dat gokken zit er meestal een paar honderd euro naast, altijd dezelfde kant op. Hieronder staat de werkwijze die dat in een half uur oplost, met de plekken waar de bedragen echt staan en de dingen die vrijwel iedereen vergeet.

01

Waarom de schatting er altijd naast zit

Vaste kosten zijn saai, en saaie dingen onthoud je slecht. Je herinnert je de energiefactuur en de huur, want die doen pijn. De verzekering die één keer per jaar van je rekening gaat, de opslag van 2 euro op een abonnement dat je vier jaar geleden afsloot, de tweede streamingdienst die iemand anders in huis gebruikt: die vallen buiten beeld.

Het patroon is bovendien niet toevallig. Wat je vergeet, is bijna altijd een uitgave, en bijna nooit een inkomst. Daarom valt de schatting stelselmatig te gunstig uit, en daarom klopt "er blijft niets over" gevoelsmatig wel maar op papier niet.

02

Waar de bedragen staan

Je hoeft niets uit je hoofd te doen. Er zijn drie plekken waar het volledige beeld al ligt, en samen dekken ze bijna alles.

  • Je rekeningafschrift van de laatste twaalf maanden. Twaalf, niet drie. Alles wat jaarlijks afgeschreven wordt (verzekeringen, lidmaatschappen, de gemeentebelasting) zie je in een kwartaal niet.
  • De domiciliëringen bij je bank. In de meeste bankapps staat een apart overzicht van doorlopende opdrachten en domiciliëringen. Dat is de kortste weg naar de helft van je lijst.
  • De abonnementen in je App Store of Google Play. Die lopen via je telefoonaccount en niet altijd zichtbaar via je rekening, zeker niet als er een prepaidkaart aan hangt.
03

Wat mensen structureel vergeten

Loop deze lijst na als je denkt klaar te zijn. Het zijn de posten die in de praktijk het vaakst ontbreken.

  • Jaarlijkse verzekeringspremies: brand, familiale, hospitalisatie, auto.
  • De jaarlijkse verkeersbelasting en, in Vlaanderen, de onroerende voorheffing.
  • Vakbondsbijdrage of beroepsvereniging.
  • Sportclub, jeugdbeweging of muziekschool, meestal per seizoen en niet per maand.
  • Onderhoud van de verwarmingsketel en de schoorsteenveger.
  • Domeinnamen, cloudopslag, wachtwoordbeheerder: klein, maar bij elkaar niet.
  • Het abonnement dat op iemand anders zijn naam staat en dat jij terugbetaalt.

Zet jaarlijkse bedragen niet om naar een maandbedrag in je hoofd. Noteer ze als wat ze zijn, met de maand waarin ze afgeschreven worden. Anders klopt je gemiddelde wel maar je maand niet, en het is de maand waarin je rekening leeg raakt.

04

De sortering die iets oplevert

Als de lijst er staat, is de verleiding groot om hem alfabetisch of op bedrag te sorteren. Nuttiger is een indeling in drie groepen, want die vertelt je meteen wat je ermee kan.

  • Vast en onvermijdelijk. Huur, lening, verzekeringen die je moet hebben. Hier valt weinig te kiezen, maar het is wel goed om te weten hoe groot dat blok is.
  • Vast maar vervangbaar. Energie, telecom, bankkosten. Zelfde dienst, andere leverancier, ander bedrag. Dit is waar het geld zit dat je zonder gedragsverandering kan terugverdienen.
  • Vast uit gewoonte. Streaming, apps, dat ene ding waarvan je niet meer weet wanneer je het laatst gebruikt hebt. Hier hoort de vraag: wanneer heb ik dit voor het laatst echt gebruikt?
05

Reken alles om naar een jaar

Vaste kosten worden verkocht per maand, en dat is geen toeval. Twaalf euro per maand klinkt als niets. Hetzelfde bedrag heet 144 euro per jaar, en dat is een weekend weg. Wie zijn lijst wil begrijpen, zet er dus een jaarbedrag naast: vermenigvuldig het maandbedrag met twaalf, deel een jaarpremie door twaalf, en reken een driemaandelijkse factuur om naar beide. Pas dan staan ze op dezelfde schaal en kan je ze vergelijken.

De optelsom is bijna altijd hoger dan verwacht. Vier streamingdiensten van elk een tientje zijn samen bijna 500 euro per jaar, en dat is het soort bedrag waar je wel een beslissing over neemt terwijl je over 10 euro per maand blijft twijfelen.

In Budgetto hoef je dat niet zelf uit te rekenen. Op de abonnementenpagina staat onder elk abonnement wat het je kost over drie maanden, een jaar, drie jaar en tien jaar, en bovenaan het maand- en jaartotaal van alles samen. Die tien jaar is geen grap: een abonnement dat je niet opzegt, loopt gewoon door, en dan is de vraag niet of het 12 euro waard is maar of het 1.440 euro waard is.

06

Hoe je het bijhoudt zonder er werk aan te hebben

Een lijst die je één keer maakt, is een maand later achterhaald. Wat helpt is dat je de bedragen één keer klaarzet en er daarna alleen nog naar kijkt.

In Budgetto zet je elke vaste kost één keer als abonnement, met het bedrag, het interval en de startdatum. Daarna verschijnen ze vanzelf in het overzicht en zie je onder "Binnenkort" wat er de komende weken van je rekening gaat. Een jaarlijkse premie in maart hoef je dus niet te onthouden: hij staat er in februari gewoon aan te komen.

Standaard blijft het daarbij: de lijst laat zien wat vastligt, en je uitgaven noteer je zelf. Wil je dat niet, dan zet je per vaste kost Automatisch boeken aan. Dan maakt Budgetto de uitgave op elke vervaldag zelf aan en telt die kost gewoon mee in je saldo en je voorspelling, net als alles wat je zelf intikt. Zet je het niet aan, dan herkent de voorspelling een vaste kost pas zodra hij een paar keer als transactie is langsgekomen.

Eén ding om te weten als je die schakelaar gebruikt: voer die kost dan niet meer zelf in, anders staat hij er twee keer. En wat je deze maand al betaald hebt wordt niet met terugwerkende kracht geboekt, dus dat tik je nog één keer zelf in.

Zet er een herinnering bij, één keer per jaar, om de lijst na te lopen. Een half uur in januari is genoeg. Dat is minder werk dan het gevoel dat het geld op is en je niet weet waarom.

Gratis account maken